Laat je baby op zijn rug slapen. Slapen op de rug is de veiligste slaaphouding in verband met wiegendood. Je baby ligt zo met het gezichtje vrij.
Laat je baby in een slaapzak slapen of onder een deken met een lakentje. Een dekbed (of een deken in een dekbed-hoes) kan veel te warm zijn voor een baby. Ook kan je kind zich makkelijk onder of in het losliggende beddengoed wurmen, wat de ademhaling kan belemmeren.
Zorg dat het bedje stevig en kort is opgemaakt.
Zorg dat de omgeving aangenaam koel is.
Zorg dat de directe omgeving van je baby rookvrij is.
Doe geen hoofdbeschermer of kussen in het bedje van je baby.
De spijl-afstand (indien van toepassing) moet 4½ tot 6½ cm bedragen.
Zorg dat er een stevig en goed passend matrasje in het bedje ligt.
Zorg dat je kindje niet uit bed kan vallen.
Plaats het ledikant of wiegje niet vlak naast de verwarming. Het kind kan het te warm krijgen of zich branden.
Zorg voor een goede ventilatie.
Zet het ledikant niet in de buurt van gordijnen, koorden of snoeren waarin het kind verstrikt kan raken. Span een eventuele klamboe strak rond het bedje.
Controleer de slaapkleding en het beddengoed (respectievelijk de slaapzak) op los zittende draadjes die zich rond een vinger of een teen kunnen winden, en ervoor kunnen zorgen dat een vinger of een teen wordt afgebonden.
Zorg ervoor dat de omgeving veilig is zodra het kind zelf uit bed kan komen. Plaats bijvoorbeeld traphekjes en bevestig afdekplaatjes op de stopcontacten.
Zet het ledikant niet bij het raam, om te voorkomen dat je kind vanuit zijn bed naar buiten klimt.
Leg geen speelgoed in bed dat kan dienen als opstapje om over de zijwand te klimmen.